07-10-12

LOUIS PAUL BOON

Wij hadden thuis één boek van Louis Paul Boon in de kast staan. Om preciezer te zijn: in mijn vaders boekenkast. Op de bovenste plank. Een donkerrood gebonden boekje met goud en fluweel… Mieke Maaikes obscene jeugd. Ik ontdekte het boek toen ik een jaar of dertien was. Dat is ongeveer veertig jaar geleden. Ik overdrijf niet als ik zeg dat dit boek geruime tijd mijn lijfboek is geweest. Letterlijk en figuurlijk. Van die auteur wilde ik vanzelfsprekend meer lezen. De boekenwinkel in de buitenwijk van Arnhem waar ik woonde had op dat moment slechts een boek van Boon in voorraad. Een salamander pocket van uitgeverij Querido. Op het omslag stond een tekening van Herman Berserik. Een jonge meisje dat in de deuropening zit en dromerig voor zich uit staart. Ze had haar knieën opgetrokken en daardoor zag je waar haar kousen ophielden een stuk van haar blote benen. Marianneke stond er naast geschreven. Onwillekeurig moest ik aan Mieke Maaike denken. Zou die Marianneke er net zo een zijn. Bovendien sprak de titel tot mijn verbeelding: De voorstad groeit. Voorstad was toch een ander woord voor buitenwijk, dacht ik en als jongen die geboren en opgegroeid was in een buitenwijk zat er niets ander op dan dit boek te kopen. Thuisgekomen verschanste ik me in mijn jongenskamer en ik begon te lezen. En hoewel ik er al erg snel achter kwam dat dit een geheel ander soort boek was dan Mieke Maaike, bleef ik ademloos verder lezen. Dat ik niet alles begreep leek volkomen onbelangrijk. Ik onderging het boek, de taal, de muziek. Later las ik natuurlijk ook De kapellekensbaan en Zomer te Termuren. Misschien veel beter, veel vernieuwender, veel virtuozer, maar ondanks dat blijft De voorstad groeit mij het meest dierbaar.

Geen opmerkingen: